Promotie Renée Filius over Peerfeedback voor Diepgaand Leren

reneePeerfeedback stimuleert diepgaand leren in online onderwijs. Die conclusie kunnen we maken na de verdediging door Renée Filius op haar proefschrift op donderdag 23 mei jl.. Haar proefschrift gaat over: Peerfeedback om diepgaand leren te stimuleren in online onderwijs. Een interessant promotieonderwerp met interessante uitkomsten. De commissie was vol lof: een gedegen en heldere studie met een originele vormgeving. Bijzonder om dit event mee te mogen maken.

Universiteiten streven naar diepgaand leren. Diepgaand leren betreft ‘het kritisch denken, integreren wat de student leert met wat hij of zij al weet, en het leggen van nieuwe verbindingen tussen verschillende concepten’ (blz 192).

Twee trends waar de universiteiten mee te maken hebben en een bedreiging vormen voor diepgaand leren zijn  de massale toename van het aantal studenten en de toenemende keuze voor online onderwijs door universiteiten. Met het oog op deze trends is in dit proefschrift de hoofdvraag, die door Renée is onderzocht, hoe docenten diepgaand leren kunnen stimuleren in het online hoger onderwijs.
In elk hoofdstuk staat een onderwerp centraal. Hieronder in hoofdlijnen de onderwerpen met de belangrijkste conclusie (een soort samenvatting van de (Nederlandse) samenvatting uit het proefschrift (blz 192-196).

1. De mate van interactie in online onderwijs (in het onderzoek: SPOCS).
Interactie is een belangrijke randvoorwaarde bij diepgaand leren.
Conclusie:

  • Er vindt veel interactie plaats in de onderzochte SPOCs (Small Private Online Courses). Drie type interactie: sociaal, kennis en regulering (Ké en Xie). Daarvan vindt het meest sociale interactie plaats.
  • Op basis van deze interactie concludeert Renée dat online hoger onderwijs een geschikte omgeving kan zijn voor studenten om diepgaand te leren.

 2. Uitdagingen voor docenten t.b.v. stimuleren diepgaand leren
Uitdagingen in online onderwijs zijn: aansluiting leerdoelen en leeractiviteiten; inzicht in behoefte van studenten; flexibiliteit m.b.t. aanpassen doceerstrategie; sociale cohesie; mogelijkheden tot dialoog.
Conclusie:

  • Er is voldoende aandacht voor content-overdracht; meer nadruk zouden docenten kunnen leggen op sociale en didactische activiteiten.
  • Er is behoefte aan het opleiden van docenten in het ontwerpen en onderwijzen van SPOCs.

 3. Feedbackinterventies, inclusies mechanismen, voor diepe leeraanpak
Categorieën voor feedback die te onderscheiden zijn: feedback management, peerfeedback types, automatische feedback. Mechanismen zijn o.a.: ‘zich persoonlijk betrokken voelen’; het vragen en ontvangen van relevante feedback; het eigen leerproces begrijpen; doorvragen.
Conclusie:

  • De kwaliteit van de interactie is belangrijker dan de kwaliteit van de feedback zelf.
  • Om feedback ten volle te benutten moeten studenten zelf actief betrokken zijn bij feedback als dialoog.
  • De mechanismen zijn een verrijking voor het interactiemodel van Ké en Xie.

4. Asynchrone online getypte peerfeedback
Centraal staat de dialogische peerfeedback als schaalbare interventie voor diepgaand leren: studenten geven elkaar peerfeedback in de vorm van een dialoog (individueel en groep).
Conclusie:

  • Peerfeedback dialogen stimuleren diepgaand leren in SPOCs. Peerfeedback dialogen worden bevordert door: instructie geven over het geven van peerfeedback gericht op diepgaand leren, in combinatie met het beoordelen van de ontvangen peerfeedback. Het gaat om herhaalde reflectie.
  • De waarde van peerfeedback volgt uit de dialoog zelf, meer dan de feedback zelf.
  • Onderlinge studentfeedback stimuleert dieper nadenken (meer dan docentfeedback) omdat deze feedback eerder in twijfel wordt getrokken.
  • Idem verwijzing naar een theoretische bron: deze wordt niet zo snel in twijfel getrokken zodat studenten er niet lang en diep over de theorie nadenken met als gevolg oppervlakkig leren.

 5. Asynchrone online audio-peerfeedback
Studenten geven elkaar gesproken peerfeedback.
Conclusie:

  • Net als getypte peerfeedback (zie ook Popta) leidt het geven van audio-peerfeedback in online onderwijs tot diepgaand leren.
  • Persoonlijke betrokkenheid (een studentmechanisme) is erg belangrijk bij zowel geven als ontvangen van feedback.
  • Studentenmechanismen zijn een sterkere voorspeller voor diepgaand leren bij het geven van feedback dan bij het ontvangen van feedback.
  • Peerfeedback lijkt in hoge mate het gevoel van persoonlijke betrokkenheid te activeren met als gevolg diepgaander leren. Dit geldt zowel voor feedbackgevers als feedbackontvangers.

Hoofdconclusie is dat peerfeedback diepgaand leren van studenten stimuleert in online hoger onderwijs. Waarbij het geven van feedback van medestudenten net zo waardevol blijkt te zijn als het ontvangen ervan.

Renée geeft verder nog aan dat een onderwijsstrategie moet worden heroverwogen. Dit vanwege de opkomst van massaal en online onderwijs. Voor de toekomst van (universitair) onderwijs is nodig:

  • Herverdeling van taken van de docenten.
  • Verschuiving van het accent van lesgeven naar het ontwerpen van onderwijs.
  • Diversiteit nastreven in groepen studenten en door middel van multidisciplinair onderwijs.
  • Benutten van de MOOC-lessen over schaalbaarheid in SPOCs, en de SPOC-lessen over sociale cohesie in MOOC’s.
  • Volgen van en meewerken aan ontwikkelingen rond de inzet van virtuele assistenten met kunstmatige intelligentie. Vooral bij repetatieve leeractiviteiten.
  • Blijvend ondersteuning en professionalisering van docenten en e-moderators.

Ik neem in ieder geval mee, ook naar aanleiding van de verdediging hoe belangrijk (sociale) interactie en peerfeedback is voor diepgaand leren in onderwijs: bij online en blended learning. En dat een onderwijsstrategie nodig is om innovatie te bevorderen. Vaak wordt onderwijs nog ontworpen o.b.v. vroegere ervaringen en aannames. Deze studie geeft een interessante bijdrage voor een herontwerp.

Het proefschrift is te vinden via de volgende Link: Proefschrift ‘Peerfeedback to promote deep learning in online education‘.

Renée heeft een korte video-samenvatting gemaakt.

ccbysa

Advertenties
Geplaatst in e-learning, onderwijsinnovatie, Online Onderwijs, Rapporten, Trends | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Blended Learning (5). Faciliteren van adaptief leren

blended-learningHoe het leren van studenten zo goed mogelijk ondersteunen met de inzet van blended learning? Kernresultaat is dat alle leeractiviteiten leiden tot betekenisvol leren. Om betekenisvol te kunnen leren is het in toenemende mate inzicht krijgen in het eigen leerproces van belang. (Zelf)Reflectie is hierin een cruciaal aspect: het bewust (nadenken over het eigen en gezamenlijk) handelen.

Learner Agency
Professionele activiteiten  omvatten dynamische, complexe, onzekere, instabiele en diverse sociale interacties. En veelal vinden die ook tegelijkertijd plaats. Hoe daarmee om te gaan? Voortdurend het (eigen) handelen bijsturen en anticiperen op nieuwe situaties of ontwikkelingen. Dit betekent dat het van belang is gedurende de opleiding in toenemende mate inzicht en regie te krijgen in en op het eigen leerproces. Ik bedoel hiermee dat de student eigen keuzes maakt ten aanzien van zijn/haar leren (programma/project/vak) met betrekking het wat, wanneer, waar, en met wie je leert. Dochy spreekt over Learner agency als één van de bouwstenen voor impact op het leren. Dochy geeft aan dat agency ontstaat wanneer de lerende aan zet is: hij/zij neemt het initiatief, handelt en beslist over zijn/haar leerproces.

Regie hebben vraagt een reflectieve houding en een (doel)gerichte houding. Reflectie is een breed begrip: niet alleen terugkijken en evalueren (heb ik de/mijn gestelde doelen gehaald; hoe kan ik mezelf verbeteren (reflectie-on-action)) maar ook reflecteren in actie (wat gaat nu goed/fout (reflection-in-action)(Schön). Kortom: de student kalibreert, stemt af, stuurt bij, zoekt (met begeleiding van de docent) in z’n/haar leerproces. Dit veronderstelt keuzes maken,  beslissingen nemen en verantwoordelijkheid dragen voor het effect van die keuzes. Heeft de keuze opgeleverd wat ik mij tot doel had gesteld of wat ik had verwacht?

Formatief handelen
Een blog van Sluijsmans (die zich door Wiliam liet inspireren) inspireerde mij enorm. Zij spreekt van formatief handelen (blog Sluijsmans paragraaf 4):

Formatief handelen richt zich op het verzamelen van informatie die nodig is om een bepaalde beslissing over de vervolgstappen in het leren van studenten te nemen. Er is sprake van doelgericht in plaats van toetsgericht handelen. De verzamelde informatie dient docenten handvatten te geven waar studenten staan en welke vervolgstappen nodig zijn (tijdens een les of over lessen heen). De verzamelde informatie wordt pas bewijs als deze worden gebruikt een bepaalde claim te onderbouwen (bijvoorbeeld: Hebben studenten de juiste voorkennis om taak X of Y te kunnen uitvoeren?). Docenten hebben informatie van hoge kwaliteit nodig om deze beslissingen goed te kunnen nemen.’

Mij lijkt dat niet alleen docenten informatie van hoge kwaliteit nodig hebben maar ook studenten. Het gaat om de zeggenschap over je eigen leren maar dan moet je wel ruimte krijgen voor die zeggenschap. Regie hebben op je leerproces is ook een onderdeel van het leerproces.
Vandaar de vragen vanuit beide perspectieven. Bij de docent staat de vraag centraal: welke informatie heb ik nodig om beslissingen over de voortgang van de student te kunnen nemen (formatief en summatief). Vanuit het perspectief van de student is de vraag: welke informatie (en van wie)  heb ik nodig voor mijn vervolgstappen en welke informatie moet ik verzamelen om te laten zien dat ik aan de gestelde eisen voldoe.

Adaptief leren
Feedback en reflectie maar ook formatieve toetsen en begeleiden komen in een breder perspectief te staan: nodig voor  het verkrijgen van informatie om keuzes te maken. Te vaak (en Sluijsmans refereert naar Wiliam in haar blog) nemen we beslissingen op basis van informatie uit formeel georganiseerde ‘toets’-momenten: opdrachten, (deficiëntie)toetsen, zelfs tussentoetsen. Geeft dat een volledig beeld over de ontwikkeling van de student? Wiliam noemt dit datagestuurd denken: de verzamelde data bepalen de beslissingen. Wiliam pleit voor de verschuiving van de focus van data-driven decision-making (datagestuurd denken) naar decision-driven data collection (beslissingsgestuurd denken: de beslissingen bepalen de datacollectie). Hiermee verschuift de focus van toetsen (wat we nu doen in onderwijs) naar het leren. Zodoende spreekt Wiliam van assessment for learning. Zie ook Dochy: assessment as learning & assessment for learning

Vandaar dat ik dit deel adaptief leren noem: het (continue) bijsturen van het (eigen) leertraject voor het realiseren van de (eigen) gestelde leerdoelen. Het bijsturen doe je op basis van (online) verkregen en verzamelde informatie naar aanleiding van beslissingen. De informatie krijgt de student van docenten, peers, (werk/instellings)begeleiders of n.a.v. de eigen online leeractiviteiten. De informatie komt beschikbaar via activiteiten zoals (online) (zelf)monitoring, (zelf)diagnosetoetsen, (reflectie/begeleidings e..a.)-gesprekken, opdrachten, discussies, instructie, etc.. Je kunt deze beschouwen als een soort datapunten in een (digitale) leeromgeving. Denk hierbij bijv. aan ‘programmatisch toetsen’. De informatie is zodoende input om beslissingen te kunnen nemen (voor vervolgstappen) in het leerproces. Dat de student toegang krijgt tot de verzamelde informatie en data lijkt mij van belang.

Voorwaarde is wel (1) dat het rijke informatie is om die beslissingen te kunnen nemen: hoe meer datapunten des te rijker het beeld; en (2) de student (en de docent) leert deze informatie betekenis te geven (in gesprek); en (3) het niet gaat over de informatie zelf maar over het expliciteren van het handelen: bewustwording van het handelen en het koppelen van bekende en nieuwe informatie (bestaande schema’s uitbreiden en/of schema’s vernieuwen). Vandaar dat het accent leggen op formatief handelen van belang is bij adaptief leren.

Blended leeromgeving
Vanuit dat perspectief draagt de inzet van onderwijstechnologie in onderwijs en/of een digitale leeromgeving (DLO) bij aan deze informatieverzameling:

  • Een omgeving waar de student informatie verzamelt van en over zijn/haar handelen (bijv een e-portfolio);
  • Een omgeving als drager van informatie (je digitale voetstappen in een DLO: discussieforum, inleveren van opdrachten, klikken van artikelen, online (diagnostische of formatieve) toetsen) om bijv. de studievoortgang inzichtelijk te maken.
    Relateer hieraan de ontwikkeling rondom learning analytics (LA). Learning analytics is gebaseerd op het maken van een profiel van studenten obv verzamelde datapunten. Hoe meer datapunten des te completer het profiel hoe betrouwbaarder de beslissing. Zie ook blog SURF-studiereis over studiedata mbt kansen, risico’s, randvoorwaarden.
  • Een omgeving waar de docent ook gericht informatie verzamelt en structureert (cureert) voor het faciliteren van leren. Bijv. via Learning Analytics kijken of informatiebronnen (niet) vaak worden gelezen of online formatieve toetsen worden gedaan.
  • Een omgeving die niet alleen is ingericht door docenten maar waar ook studenten in participeren, informatie kunnen toevoegen of bewerken, reflecteren. Bijv. verrijkte video’s met H5P of verrijkte documenten (bijv. een soort turnit-in voor docenten en studenten).
  • Of een omgeving (breder opgevat dan het vak) dat studenten actief invulling geven aan hun programma: bijv een MOOC volgen.
  • Of de docent gebruikt informatie door anderen samengesteld of ontwikkelt: MOOC as a Book; Open Educational Resources.

Als ik dit zo schrijf ontstaat bij mij het beeld dat we onze blended leeromgeving nog te vaak als een blended teach-omgeving inrichten. Het vertrekpunt is de docent die de (blended) leeromgeving inricht met een aanbod van informatie. Interessant is na te denken over het ontwerp van een (blended) leeromgeving die de student als vertrekpunt neemt. Een omgeving die het formatief handelen van de student, zoals Sluijsmans beschrijft, centraal stelt. Een omgeving waar handelen niet alleen ingezet wordt door wat wordt gevraagd maar doordat je als student zoveel mogelijk informatie wilt verzamelen over het effect van je handelen. Reflecteren staat in het teken van betekenis geven aan wat je doet en hebt gedaan ter uitbreiding van je weet en kent. Oftewel het bewust (nadenken over het eigen en gezamenlijk) handelen.

BLplaatjes_voor het blog5

Serie blogs
Blog: Blended Learning 1. het leren optimaal faciliteren
Blog: Blended Learning 2. Faciliteren van Interactief leren
Blog: Blended Learning 3. Faciliteren van Effectief leren: leerstrategie
Blog: Blended Learning 4. Faciliteren van Effectief leren: Informatieverwerking

ccbysa

Geplaatst in blended learning, didactiek, Ontwerpen, Uncategorized | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Blended Learning (4). Faciliteren van Effectief leren: informatieverwerking

blended-learning

Hoe het leren van studenten zo goed mogelijk ondersteunen met de inzet van blended learning? Kernresultaat is dat alle leeractiviteiten leiden tot betekenisvol leren. Het betekenisvol leren is betekenis geven aan informatie (door middel van het selecteren, opnemen, verwerken, integreren, vastleggen en gebruiken van informatie). Het bevorderen van leren dat impact heeft, is ook rekening houden met het verwerken van (nieuwe) informatie. Vanuit de cognitivistische leertheorie wordt aangegeven dat het leren het beste verloopt wanneer een optimale belasting van het werkgeheugen.

De boodschap is om te stimuleren dat de student de aandacht richt om overbelasting in het werkgeheugen te voorkomen en dat nieuwe informatie actief wordt gekoppeld aan de cognitieve schema’s in het langetermijngeheugen. Want het werkgeheugen is beperkt. Het gaat om drie zaken:
(1) zorgdragen voor relevante informatie voor de student;
(2) voorkomen van overtollige en niet-relevante informatie en
(3) aansluiten van moeilijkheidsgraad van de informatie.
Hoofdgedachte is: het richten van aandacht.

Hoe ontwerp je een leeromgeving, met inzet van onderwijstechnologie en multimedia, ter ondersteuning van ‘het richten van aandacht’? Hoeveel informatie? En die vraag is van belang omdat studenten toch met heel veel informatie moeten leren omgaan. Enkele principes:

Principe Faciliteren met blended learning
Segmentatieprincipe: opdelen van informatiebrokken in kleinere onderdelen Kennisclips met focus op 1 onderwerp
Signaleringsprincipe: richten van aandacht Vraag vooraf stellen bij kennisclip/opdracht; verrijkte video
In-je-eigen-tempo-principe: het kunnen bekijken, beluisteren van informatie in eigen tijd en tempo Online course in eigen tempo doorlopen; video-instructie of webinar in eigen tijd bekijken
Volgordeprincipe: ordening van complexe leertaken of complexe informatie van simpel naar complex Adaptieve leerpaden; scaffolding

Modaliteitsprincipe: een audiovisuele presentatie van informatie leidt tot beter leren dan de visuele presentatie van deze informatie Webinars, kennisclips

Natuurgetrouw principe: het kunnen duiden van fysieke natuurgetrouwe werkelijkheden; meer kennis betekent beter kunnen duiden van de werkelijkheid Games, simulaties, augmented reality

Samenwerkingsprincipe: samenwerken aan complexe taken (vanwege beperkte werkgeheugen) Online projectgroep/ community-leren/discussiefora/
Verdeelde aandachtsprincipe: presenteer twee naar elkaar verwijzende bronnen (tekst-beeld) bij elkaar

(Inspiratie blog Jeroen Bottema en zie ook digitale didactiek)

Dit betekent dat een digitale leeromgeving voor studenten structuur nodig heeft: geen onnodig geklik, liefst een heldere goed doordachte structuur voor modules zodat studenten de informatie direct weten te vinden, informatie over 1 onderwerp of taak bij elkaar; uitleg bij wat studenten kunnen verwachten bij een video of game, gerichte vragen om de aandacht te kunnen richten, het geven van just-in-time informatie of feedback en het inzetten van gerichte en juiste hoeveelheid beeldmateriaal. Genereren van aandacht dus via bewust aandragen en presenteren van de leeractiviteiten en leermaterialen. Dit geldt natuurlijk voor de ‘gehele’ leeromgeving: digitaal en fysiek.

Meer inspiratie

BLplaatjes_voor het blog3

Serie blogs
Blog: Blended Learning 1. het leren optimaal faciliteren
Blog: Blended Learning 2. Faciliteren van Interactief leren
Blog: Blended Learning 3. Faciliteren van Effectief leren: leerstrategie

ccbysa

Geplaatst in blended learning, didactiek, Ontwerpen, Uncategorized | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Blended Learning (3). Faciliteren van Effectief leren: leerstrategie

blended-learningHoe het leren van studenten zo goed mogelijk ondersteunen met de inzet van blended learning? Kernresultaat is dat alle leeractiviteiten leiden tot betekenisvol leren. Effectief leren is daar een onderdeel van. De focus van dit blog is de leerstrategie. Er zijn leerstrategieën die bewezen effectief zijn, strategieën die voor iedereen werken.  Zoals:

  1. Het spreidingseffect: spreiden van leermomenten is beter voor het opnemen van informatie in het langetermijngeheugen
    Via blended learning bijv.: door elke dag een nieuwe kennisclip met verwerkingsopdracht ter beschikking te stellen.
  2. Het feedback effect: studenten krijgen inzicht in eigen kennis en kunde en krijgen grip op hun leerproces; docenten krijgen inzicht in wat hun studenten wel/niet kennen en wat extra aandacht behoeft.
    Via blended learning bijv.: door formatief toetsen; inzetten van games of augmented reality zodat studenten directe feedback krijgen; online samenwerken; peerfeedback organiseren.
  3. Het oefeneffect: studenten laten (in)oefenen, laten zelf oefenen en checken of ze het begrijpen/beheersen; bewust ophalen van informatie uit je geheugen (retrieval practice).
    Via blended learning bijv.: online diagnostisch toetsen; simulatie; gaming; casuïstiek uitwerken.
  4. Het voorbeeldeffect: geef voorbeelden om abstracte ideeën, concepten te begrijpen.
    Via blended learning bijv.: werken met (online) cases; voorbeeld op film; Augmented Reality.
  5. Het interleaving effect: switchen c.q. afwisselen van onderwerp. Het switchen van perspectief of volgorde. Associëren bij 1 onderwerp.
    Via blended learning bijv.: mindmapping ; stapelen van onderwerpen in de diagnostische toets.
  6. Het effect van dual coding: het combineren van plaatjes en tekst. Zie meer inspiratie hieronder (*)
    Via blended learning bijv.: video-annotaties; de kennisclips met tekening en audio-uitleg.

Bij leren gaat het met name om nieuwe informatie te koppelen aan reeds bestaande informatie. Zoals Gino Camp (kennisclip Universiteit van Nederland) aangeeft: het leren dient aan te sluiten bij de eigen architectuur van het geheugen wil er sprake zijn van effectief leren. Het gaat over transfer van geleerde in diverse situaties en contexten. Dan is nodig dat informatie wordt geconstrueerd in schema’s voor hechte connecties.
De bovenstaande principes komen ook weer terug in het overzicht die ik vond op de website van leervlak en dan gekoppeld aan schema’s maken voor hechte connecties. Daar voeg ik nog het faciliteren met onderwijstechnologie aan toe.

  1. Schemaconstructie: schema’s activeren en uitbreiden
Voor het proces van constructie Multimediale leertaken principes Inzet onderwijstechnologie
Inductie
Het schema gestructureerd opbouwen, voorkennis 
(*) Voorkennisactivatieprincipe (Ausubel)
(*) Variatieprincipe: variatie tussen leertaken en op structurele kenmerken van die leertaak.
(*) Multimediaprincipe: aanbieden van informatie via combinatie van tekst en beeld
Voorkennis activeren via een online toets of via quizzes

Vragen in discussieforum

 

Elaboratie
Het uitbreiden van het schema, informatie toevoegen aan de voorkennis; voorbeelden geven; helder en beeldend beschrijven
(*) Dynamische visualisatieprincipe: uitbreiden van schema’s door video en animaties
(*) Zelf-verklaringsprincipe: zelf laten uitleggen, samenvatten
Kennisclips
Animaties
Studenten maken clips
Blogs schrijven; vlogs maken; (peer)feedback via (verrijkte) video
  1. Schema-automatisering: schema’s vastleggen
Voor automatisering van schema’s Multimediale leertaken principes Inzet onderwijstechnologie
Kenniscompilatie 
Het vormen van procedures, stappenplannen
(*) Just-in-time principe: how-to informatie
(*) Samenvoegen, integreren van informatie
Discussieforum
Whatsapp groep
Augmented reality (directe uitleg bij een vaardigheid)
Blog, vlog
Mindmaps maken
Deeltaakoefening
Herhalen en oefenen en evalueren (leren van fouten)
(*) Inoefen-principe
(*) Testen; experimenteren
Zelftest; online oefentoetsen; online formatief toetsen; simulatie

Meer inspiratie

BLplaatjes_voor het blog3


Serie blogs
Blog: Blended Learning 1. het leren optimaal faciliteren
Blog: Blended Learning 2. Faciliteren van Interactief leren

ccbysa

Geplaatst in blended learning, didactiek, Ontwerpen, Uncategorized | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Blended learning (2). Faciliteren van Interactief leren

blended-learning

Hoe het leren van studenten zo goed mogelijk ondersteunen met de inzet van blended learning? Kernresultaat is dat alle leeractiviteiten leiden tot betekenisvol leren. Een kernprincipe daarbij is het actief opbouwen van kennis en vaardigheden door de lerende. Een duurzame verandering, vernieuwing, verbetering. Met uiteindelijke doel kennisopbouw of creëren van kennis. Voor die duurzame verandering is continu actief bezig zijn met informatie (uit de directe omgeving) belangrijk. Vandaar Interactief leren: leren in interactie (leren met anderen, co-creatie) en leren in actie ( handelen).

Leren in actie
Leren in actie gaat over toepassen van kennis en vaardigheden, zoeken van informatie en uitwisselen, kritische benaderen van informatie en bespreken, oplossen van (complexe) vraagstukken, fouten maken, feedback krijgen-bijsturen. Een actieve leerhouding in continue wisselwerking met anderen (peers, experts, docenten). Leren in actie gaat dan over handelen-in-actie: acties doelbewust maken.
Leren vraagt om oefening in zo authentiek mogelijke situaties, om zo ervaring op te doen. Gebruik maken van authentieke situaties, werken met relevante (complexe) vraagstukken uit het werkveld. Het inbrengen van actuele en vernieuwende kwesties waar niet direct oplossingen voor zijn. Bij dit soort vraagstukken is samenwerken nodig: liefst in wisselende samenstellingen. Vanuit verschillende perspectieven krijgt je informatie toegereikt zodat je het vraagstuk vanuit verschillend perspectieven kunt benaderen (blikverruiming) om (alternatieve) oplossingen te vinden.
De vraagstukken kunnen zowel vakgerelateerd als vakoverstijgend zijn. Het gaat om eigen betekenis te geven en verbanden te vormen (Dochy). Dat houdt ook in dat leren in actie ‘ just-in-time’ geven van instructie, feedback, informatie betekent: informatie aangereikt krijgen als dit nodig is op het vraagstuk op te lossen.

De leeromgeving voor interactief leren
In dit kader vond ik de kijk van Weick op leren ook interessant (uit Canon van leren, blz 382). Weick stel de handelende , actieve mens centraal. De mens die in interactie met zijn (directe) omgeving en de medemens de wereld ordent en produceert. Wij als mens doen dit vaak onbewust en intuïtief.

Het bracht mij op de gedachte dat het essentieel voor het inrichten van de leeromgeving (digitaal en fysiek) de lerende kan helpen zijn/haar leergedrag en leerhouding (het handelen) bewust te maken en minder intuïtief. De leeromgeving waarin de student is bepalend voor het leergedrag en de leerhouding student. En bij dit ontwerpen en inrichten van de (leer)omgeving integreren we impliciet onze waarden en normen over leren. Deze geven richting en hebben impact op het leren van de student.
En als we het hebben over leren-in-actie en –interactie: mag de student daar zelf ook invloed op hebben op zijn/haar leeromgeving? De student kan zelf een (inter)actieve sturende rol spelen in het ‘eigen leerproces’ als hij/zij de ruimte krijgt. Een digitale leeromgeving(digitaal + fysiek) beperkt zich vanuit dit perspectief niet alleen uit het aanbieden van leermaterialen en allerlei onderwijs- en leeractiviteiten. Het gaat over leren in een (in)gerichte sociale omgeving: een community, een netwerk, een omgeving voor kenniscreatie. De (online + fysieke) onderwijs- en leeractiviteiten staan daar ten dienste van.
Het inrichten van een leeromgeving is een bewuste en niet-intuïtieve handeling. Of zoals Weick het stelt: het staat ten dienste van organiseren, leren en veranderen. Organiseren via bijv. heldere structuur aanbieden en opbouw; leren en veranderen via variatie door nieuwe ervaring of ideeën of verrassingen aanbieden-inbouwen-toelaten en effect bespreken; werken met tegengestelde ideeen, aanbieden van nieuwe actuele informatie (door docent en student?); continue reflectie op het leergedrag en de leerhouding.

Voorbeeld van leren in omgevingen die interactief leren in zich dragen: Digital Society School; Living labs; Ixerium.

Meer inspiratie

BLplaatjes_voor het blog2

Serie blogs
Blog: Blended Learning 1. het leren optimaal faciliteren

ccbysa

Geplaatst in blended learning, didactiek, Ontwerpen | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Blended Learning (1). Het leren faciliteren

blended-learning

Wat is Blended Learning? Is het een mix van f2f onderwijs en online onderwijs? En wat is dat de optimale mix? Kunnen we nog wel spreken van een mix? En wat is in wezen de kern van Blended Learning? Gezien de implementatie van de digitale leeromgeving heb ik voor mezelf de tijd genomen om weer eens in dat begrip ‘blended learning’ te duiken. Wat bedoelen we en hoe zetten we blended learning in?

Er zijn verschillende definities (en daarmee discussies) ten aanzien van blended learning (blz 16 + bijlage 8 Blend it, share it). In ditzelfde document (blz 69) wordt geconcludeerd dat blended learning vele mogelijkheden biedt om onderwijs te innoveren vanwege het tijd- en plaatsonafhankelijke component dat erin zit. Ook wordt aangegeven dat het onderzoek nog in de kinderschoenen staat: een compleet beeld van relevante factoren die invloed hebben op effectief blended learning is (nog) niet te geven. Luuk Terbeek geeft aan dat online en f2f-activiteiten complementair van elkaar zijn en elkaar wederzijds versterken. Paul Kirschner vraagt zich af of een begrip als ‘blended learning’nodig is: al het leren is per definitie blended.

Wat ik in mijn huidige praktijk ervaar dat de inzet van ICT steeds meer een onderdeel is van het (her)ontwerp van onderwijs. Docenten werken volgens bijv. de TPACK- of SHUFFLE-methode een moduleontwerp uit en bekijken wat kan worden versterkt met digitale tools: hoe zet ik de functies van Brightspace/Canvas/Moodle of Feedbackfruits of Kahoot? Blended learning biedt docenten een verrijking van onderwijs(werk)vormen en leeractiviteiten: nieuwe variaties van bekende vormen of activiteiten, nieuwe combinaties maar ook activiteiten slechts mogelijk zijn door inzet van ICT. Denk aan de inzet van technology als Virtual Reality of Augmented Reality of real time quizzes.

Wat mij betreft mag bij het ontwerpen van een blended learning omgeving ‘het leren en het leerproces van de student’ meer naar voren komen. Niet voor niets hebben we het over blended learning. Het gaat over het ont­wer­pen, ont­wik­ke­len, uit­voe­ren en evalueren van je on­der­wijs, zo­da­nig dat het recht doet aan het leren van de stu­dent. Geen blended teaching omgeving maar een blended learning omgeving. ICT ten dienste van (het leren van) de student.

Hoe ziet een blended learning omgeving eruit als we vanuit ‘leerprincipes’ ontwerpen? De basisprincipes vanuit o.a. een sociaal constructivistische benadering van leren of een cognitivistische benadering zullen invloed hebben op de inrichting van een leeromgeving. Wel weten we in grote lijnen wat effect heeft op leren en het leren stimuleert. Dochy heeft dat in het HILL-model beschreven: bouwstenen voor het leren. Centraal staat, wat mij betreft, dat blended learning de mogelijkheid biedt het leren van studenten optimaal te faciliteren. Zodoende kom ik op de volgende drie aspecten die belangrijk zijn om als vertrekpunt te nemen voor een blended leeromgeving. Een omgeving die faciliteert en versterkt en verrijkt van:

  1. (Inter)actief leren: het gaat om leren in actie, het actief bezig zijn door de lerende (schrijven, reflecteren, discussie, oplossen, analyseren, uitwerken vraagstukken). En leren doe je niet alleen: ‘in actie’ impliceert ook in interactie met anderen oftewel informatie- en kennisuitwisseling die wederkerig is. En via reflectie door de ander (nieuwe) informatie krijgen over inhoud, gedrag of leren (mirroring). Inzet onderwijstechnologie voorbeeld: online begeleiding, gamification, online peer-feedback, online samenwerken aan documenten of in een project of in settings zoals een living lab of een leergemeenschappen.
  2. Effectief leren: bij leren gaat het steeds om nieuwe informatie te koppelen aan reeds bestaande informatie. Just-in-time feedback of (directe) instructie, herhaald oefenen, voorbeelden geven zijn bekende effectieve leerstrategieën. Niet te veel informatie tegelijkertijd aanreiken is een bekende effectieve informatieverwerkingsstrategie. Inzet onderwijstechnologie voorbeeld: kennisclips, flipping-the-classroom, digitaal (formatieve) toetsen.
  3. Adaptief leren: het gaat bij leren om het (continue) bijsturen van het (eigen) leergedrag en –proces (hoe) of het aansluiten bij de leerbehoefte voor het realiseren van de (eigen) gestelde leerdoelen. Het gericht verkrijgen van kennis en informatie over het (eigen) leerproces of -doel is een belangrijk aspect daarbij. Wat is de voortgang m.b.t. de (eigen) gestelde doelen? Helpen je leeractiviteiten je doel te halen ? Welke onderdelen beheers ik en waar moet ik extra oefenen? (Zelf)reflectie en regie op het leerproces staan centraal bij adaptief leren: het op maat informatie beschikbaar stellen aan de lerende om vervolgstappen te zetten. Deze informatie krijgt een lerende bijv. door gerichte en persoonlijke feedback, monitoring, begeleiding, instructie, toetsing. Digitalisering biedt de mogelijkheid dit persoonlijk beschikbaar te stellen: op maat, just-in-time, tijd- en plaats-onafhankelijk. Inzet onderwijstechnologie voorbeeld: learning analytics, feedback in digitaal toetsen, e-portfolio, micro-credentialing, online courses, online peer feedback.

Uiteindelijk is het doel het realiseren van betekenisvol leren van en voor de student. Het leren start met een behoefte, een vraag een uitdaging: het weten waarom je gaat en wilt leren (motivatie). Daarnaast is het van belang dat de student zich bewust is van het leren: het lerend en zelfsturend vermogen. Inzicht krijgen in de eigen manier van leren, het eigen handelen bevordert zelfkennis. Een leeromgeving met continue feedback en reflectie, leren van fouten, elkaar (kritisch) bevragen en niet snel tevreden zijn, zijn daarbij belangrijke aspecten. De context waarin wordt geleerd is dus van belang: de docenten, de ingerichte fysieke en digitale (leer)omgeving (als een geheel), de peers, experts, begeleiders uit het werkveld e.a.. Want deze omgeving bepaalt (on)bewust het gedrag en heeft daarmee impact op het leren.

Hierna volgen blogs met toelichting op de drie aspecten. Te zien in het volgende overzicht.

BLplaatjes_voor het blog1

Serie (worden komende tijd gepubliceerd):
Blog: Blended Learning 2. Faciliteren van Interactief leren
Blog: Blended Learning 3. Faciliteren van Effectief leren: leerstrategie
Blog: Blended Learning 4. Faciliteren van Effectief leren: Informatieverwerking
Blog: Blended Learning 5. Faciliteren van Adaptief leren

ccbysa

Geplaatst in blended learning, didactiek | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Innovating Pedagogies 2019

innovating pedagogy2019Een nieuwe editie van ‘Innovating Pedagogies’: 2019. De Britse Open Universiteit geeft elk jaar daarover een rapport uit. Dit jaar is het rapport geschreven samen met het Norway’s Centre for the Science of Learning & Technology (SLATE). Enkele trends in didactiek samengevat hieronder.
Uitgangspunt voor het rapport is, wat ik zo las, de volgende alinea:

 

’Technology can help us to do new things, rooted in our understanding of how teaching and learning take place. Learning can be playful, wonderful, a way of understanding and making sense of the world. Pedagogies change and develop in response to changes in society. They open up new possibilities rather than reproducing what happened in the past.’’(blz 6/7)

(1)    Ontdekkend (playful) leren: Deze vorm van leren legt de focus op het leerproces dan de (leer)uitkomst. Het biedt de mogelijkheid om verschillende problemen te onderzoeken vanuit verschillende perspectieven. Het gaat om actief onderzoeken en leren. Denk aan gamification.
(2)    Leren met robots: Gesprekken die het leren faciliteren en mogelijk maken is een essentieel onderdeel van het onderwijs. Deze interacties nemen tijd in beslag. Er zijn en worden steeds meer intelligente software-assistenten en robots ontwikkeld die docenten ondersteunen in hun onderwijs.
(3)    ‘Dekoloniaseren’ van leren: Een curriculum biedt een manier om de kennis te ‘waarderen’. Hoe we onderwijs hebben gekregen heeft mede ons denken en spreken over de wereld bepaalt. Dekoloniaseren van leren betekent dat we onderwerpen vanuit een nieuw perspectief kunnen beschouwen. Het gaat niet om onderwerpen of artikelen vervangen, het gaat om opnieuw (nieuwe) perspectieven overwegen en ‘waarderen’. Een voorbeeld: storytelling.
(4)    Drone-based leren: Door de inzet van drones hebben studenten toegang tot ontoegankelijk plaatsen of de mogelijkheid een ​​landschap of gebouw vanuit verschillende hoeken te bestuderen. Ook geeft het de mogelijkheid met data om te gaan. De inzet versterkt onderzoek en de discussie erover.
(5)    Leren door verwondering: hier gaat het over visualisaties en verbeelding. Ook ter versterking van onderzoek, verbeelden van resultaten, bevragen en verschillende perspectieven bieden.
(6)    Action-learning: Het gaat bij action learning om een teamgerichte benadering ter versterking van professionele ontwikkeling via aanpak van authentieke problemen. Reflecteren op acties, delen van ervaring zijn belangrijke aspecten.
(7)    Virtuele studio’s: de virtuele studio is niet het digitaliseren van de fysieke studio. Nieuwe vormen zijn studio’s waarmee je online en met mensen vanuit diverse plaatsen ontwerpen maakt. Het gaat over met elkaar (op afstand) ontwerpen.
(8)    Het denken zichtbaar maken: nadenken zichtbaar maken is een constructieve activiteit. Studenten creëren kennis door interactie via tools of kennisbronnen. Via deze activiteiten laten studenten (digitale) sporen achter van hun denken: bijv. door tekst toevoegen aan document of video, (online) discussiebijdrage, peer-feedback, online mindmap. Naar aanleiding van die ‘inhoudelijke bijdragen’ kan automatische (klaargezette) feedback worden gegeven. Docenten kunnen tevens de verzamelde data, o.b.v. de digitale sporen, inzetten voor een gesprek met de student over bijv. de voortgang of misconcepties.

Voor mij geen nieuwe vormen van didactiek (ondersteunt door technologie). Bij sommige vroeg ik mij zelfs af: wat is de trend? Wel altijd interessant te lezen over voorbeelden en benaderingen. Vooral de trend  ‘dekolonialiseren’ van leren vond ik een nieuwe benadering.
Het aspect van ‘bieden van nieuwe perspectieven’ liep wat mij betreft als rode draad door de trends. En als we naar het ‘stimuleren van leren’ kijken, is dat een belangrijk aspect: variatie bieden en nieuwe informatie. Oftewel: blikverruiming. Inzet van technologie biedt een (extra) mogelijkheid.

De andere rapporten:
Rapport van 2017 beschreven in deze blog: https://mobiliteitenopenonderwijs.wordpress.com/2018/04/04/innovating-pedagogies-2017/
Startpagina van alle rapporten (die van 2018 mistte ik op de pagina van de OU): Innovating Pedagogies.

ccbysa

Geplaatst in Rapporten, Trends | Tags: , | Een reactie plaatsen